Hier bent u: Motortips > Winterrijders

Speciaal voor de winterdoorrijders

Tips van de professionele winterrijder

Als de meeste motorrijders de accu allang aan de druppelader hebben gehangen, rijden zij nog de hele dag door. De mannen van de motorpolitie en de motorambulance. Hoe houden ze het warm?

Tekst en foto's Jan Dirk Onrust

 

Motoragent Mike de Jongh: Met winterhandschoenen is het lastig schieten

 

Motoragent Mike de Jongh is motoragent bij de Verkeerspolitie -- Politie Haaglanden. En daar kennen ze geen vorstverlet. Het overgrote deel van de winter zit hij acht uur per dag op de motor. ‚Ķ"Het moet wel heel bar en boos zijn willen we niet rijden. Maar met een beetje kou en sneeuw rijden we nog gewoon door. Natuurlijk kom ik vaak gladheid tegen, maar we hebben zoveel opleidingen gevolgd, dat dit geen probleem moet zijn. Je weet waar je op moet letten. Op- en afritten zijn vaak gladder. Net als fietspaden en houten bruggetjes. Natuurlijk moet je ook oppassen voor de markeringen op het wegdek, lasnaden en voor zoab waar hele stukken uit zijn gevroren. Maar zolang je vooral ver vooruit kijkt, gaat het goed. Bochten kunnen wat lastiger zijn, vooral op een klinkerrotonde als Plein 1813 in Den Haag. Dus rustig een bocht in gaan en als het kan met wat gas er weer uit komen. 

Kogelwerend vest ademt niet

Tegen kou kun je niet echt worden opgeleid. Goede kleding helpt natuurlijk wel. Maar daarin zit het geheim van deze beroepsrijder niet echt. Eigenlijk is het meeste wat ik heb niet al te duur standaard spul uit het centrale inkoopmagazijn in Apeldoorn. Een mengeling van A- en B-merken, aangevuld met wat eigen shirtjes. Ik heb nu nog een leren pak, maar dat wordt straks allemaal goretex. Dat vind ik wel jammer, want leer zit comfortabeler en het straalt meer autoriteit uit. In mijn leren jas draag ik natuurlijk de wintervoering. Daaronder heb ik een windstopper en een thermoshirtje. Als het echt koud wordt, doe ik er nog een trui bij aan. Nooit iets van katoen, want dat houdt vocht vast. Dat kan ik echt niet gebruiken, vooral omdat ik ook nog een kogelwerend vest aan moet dat niet echt ademt. Verder draagt Mike standaard thermo-ondergoed en thermo- of wollen sokken. Daarover normale leren laarzen. Die moet je goed onderhouden met schoenpoets en niet met leervet, want dan gaan ze op den duur lekken op de naden.

Adrenaline tegen de kou

Winterhandschoenen draagt Mike bij voorkeur niet. …"Die zijn eigenlijk te dik, zegt hij. …"Dat is lastig wanneer ik in een schietwaardige situatie kom, want je krijgt je vinger moeilijk achter de trekker. Bovendien kun je met dikke handschoenen geen bonnen schrijven. Liever draag ik iets dunnere handschoenen, met daaronder medische handschoenen die ze in het ziekenhuis dragen. Die gaan snel een beetje broeien, wat voor wat extra warmte zorgt. En handvatverwarming is natuurlijk een must in de winter."

Is dit alles genoeg om hem warm te houden? "Nee, zegt Mike, "als je niet oppast krijg je het stervenskoud. Met wat eten houd ik mijn interne kachel nog redelijk aan. Wat ook scheelt is om op tijd naar het toilet te gaan, want van een volle blaas krijg je het ook koud. Maar het zit ook in de manier van rijden. Tijdens mijn werk krijg ik het lang niet zo koud als tijdens een toertochtje op mijn eigen motor. Dat komt omdat ik tijdens het surveilleren op alles bedacht ben en al het verkeer in de gaten houd, inclusief fietsers en voetgangers. En bepaalde meldingen maken de nodige adrenaline aan, waardoor je de kou nog minder voelt.

Maar stilstaan om een boete uit te schrijven, dat is dan vast te koud, zullen sommigen hopen. , beaamt Mike, "maar ik doe het wel! Vorige week nog reed er een vrachtwagen in de laatste minuten van mijn dienst met hoge snelheid op het rode verkeerslicht af. "Doe het niet, denk je dan. Maar hij negeerde het verkeerslicht compleet. Daar moet je dan toch wat aan doen. Dat kan niet anders. Koud of niet koud.

 

Motorambulancebroeder Bert Russchen: Met verkleumde vingers leg je geen infuus aan

 

Bert Russchen is verpleegkundige en locatiemanager bij de Ambulancedienst Den Haag. Op een knalgele Pan European rijdt ook hij de hele winter door. Maar dan vooral het kortere werk in en rond het centrum van Den Haag. Dat geeft specifieke problemen. Wie zich afvraagt waarom Bert Russchen de hele winter doorrijdt op zijn Pan European, moet maar eens proberen hem in Den Haag bij te houden. Met een auto. Dat is een kansloos gevecht. Voortdurend kom je vast te zitten in flessenhalzen en files. Zelfs als je overal door rood zou rijden, kom je niet bij hem in de buurt. En dat geeft precies de noodzaak aan van de motorambulance.

Bert is vaak vele minuten eerder op de plaats des onheils dan de collega van de autoambulance. Dat kan een verschil van leven en dood betekenen. Nadeel is dat Bert de slachtoffers niet achterop de motor naar het ziekenhuis kan brengen, dus wordt er meestal ook een reguliere ambulance meegestuurd, terwijl Bert alvast zorgt voor de stabilisering van de zieke of gewonde. Daarvoor heeft hij in zijn koffers een indrukwekkend arsenaal aan apparatuur en medicamenten bij zich. "Als je dat ziet, zegt Bert, "snap je meteen een van de grootste winterproblemen: koude handen. Met verkleumde vingers kun je geen infuus toedienen. Dus heb ik uiteraard handvatverwarming. Door alle toeters en bellen aan mijn stuur, was er helaas geen plaats voor handkappen. Met dikke winterhandschoenen hou ik het nog wel goed warm op de korte stukjes. Maar als je hulp moet bieden, gaan die uit. Ik heb een zeer drastisch middel gevonden om mijn handen buiten toch zo lang mogelijk op temperatuur te houden. Ik ben gestopt met roken. Dat scheelt echt. Je doorbloeding wordt er veel beter van. Het verschil merk je al een dag na het stoppen. Ik heb sindsdien ook minder last van koude voeten.

Niet zwetend hulp bieden

De meeste hulp moet Bert echter binnenshuis bieden. Dat zorgt voor een ander, typisch winters probleem: grote temperatuurverschillen. "Met een ambulance kom je vaak bij oudere mensen thuis. Die kunnen het erg warm stoken. Met veel kleding aan ga je daar fl ink van zweten. Als je bezweet buiten komt, krijg je het pas echt koud. Dus doe ik bij voorkeur niet veel aan. Een jas heb je zo uitgetrokken, maar vier lagen kleding en een lange onderbroek niet. Bovendien zou het veel tijd kosten om alles uit en weer aan te trekken, en die heb je niet als je van spoedgeval naar spoedgeval gaat. Daarom ik heb onder mijn goretex jas met binnenvoering niet zo heel veel meer dan een ademend shirt. Dat is voldoende.

Jammer vindt Bert het wel dat de motorpolitie in vrijwel dezelfde jassen is gaan rijden. Nu lijkt het alsof ik een motoragent ben, met alle gevolgen van dien. Mensen gaan ineens op de rem staan als ze me zien en gooien hun mobieltjes in hun schoot. Ik krijg met meer agressiviteit te maken. Is hij na een hele dag op pad niet steenkoud? Dat valt mee, ook omdat spoedhulp vaak binnenshuis is. En anders kunnen we altijd terecht voor een bak warme koffie bij de haringkar aan het Binnenhof, een vaste stek van ons.

Het wegdek een gatenkaas

Een ander winters stadsprobleem is het rijden zelf. Eigenlijk is het niet eens zozeer de sneeuw en de gladheid, zegt Bert, want dan heeft het geen zin om de motor te pakken. De problemen kwamen in de lange winter van 2010 vooral na de sneeuw. De wegen in het centrum waren in een gatenkaas veranderd, net als in de rest van Nederland. Ook tussen de tramrails en op busbanen, die normaalgesproken altijd van pas komen om het andere verkeer te passeren. Dan moet je wel heel erg goed met vooruitziende blik rijden, want in de stad heb je maar weinig mogelijkheden om uit te wijken. We krijgen natuurlijk allerlei  motortrainingen, maar dat zegt ook niet alles. Een collega is tijdens een training dodelijk verongelukt. Dat had een grote impact op ons team. We zien natuurlijk met grote regelmaat zware ongelukken, maar als het een naaste collega gebeurt, die ook nog eens goed kon rijden en de meest voorzichtige van ons allemaal was, word je keihard gewezen op je eigen kwetsbaarheid. Maar het helpt ook niet om daar steeds maar aan herinnerd te worden. Je moet toch verder.


MTC de Flint'n Rieders
info@flintnrieders.nl
KvK 40049019
IBAN NL73 RABO 0309 2395 91
Inloggen
Toegangsnaam

Wachtwoord
Aanmelden
Wachtwoord opvragen
Privacy Statement
Disclaimer

© 2011 Plan Plan Internet BV